PSYCHISCHE KWETSBAARHEID ALS VERKOOPARGUMENT (opinie)
Wat ik hieronder deel is een op zichzelf staand moment, zomaar 15 minuten van mijn leven en dat van meneer X.
In oktober werd ik namelijk ‘s avonds gebeld door meneer X van stichting ‘Wij zijn Mind.’
Mede door mijn gevoeligheid, luister ik graag. Zo ook nu.
Een eerdere donatie was de aanleiding van het telefoontje. Ik werd nieuwsgierig, wat zou het ‘haal een donateur binnen-protocol’ zijn?
X stak van wal.
Hij begon met de stelling, dat de overheid de psychisch kwetsbare mens in de steek laat.
Ik zei niets. Waarop hij zijn stellinginname bekrachtigde met de woorden, dat dit mij vast niet ontgaan was.
Ik reageerde met het vol verbazing noemen van de tientallen duizenden euro’s die een lotgenotenvereniging aan ‘tijdelijke’ subsidie had binnengekregen. Ja, hoe dat zat wist X niet. Mind moest het van haar donateurs hebben en was overheidsonafhankelijk.
Jongeren zijn belangrijk, zo vervolgde hij. Had ik een kind in die leeftijd?
Ik antwoordde bevestigend, met een simpel ‘ja’.
X legde uit dat de stichting met een preventieprogramma ingang wil op scholen.
Hij vroeg me of ik dit misschien wilde regelen op de school van ons kind.
Weer benadrukte X dat de ‘Wij zijn Mind’ het helemaal zelf moet doen.
Hierop gaf ik aan, dat ik mij niet kon voorstellen dat 'Wij zijn Mind' alleen van donaties rondkwam. Ik had mij er eerder verdiept. Hierbij was ik zwaar onder de indruk gekomen van de in loondienst zijnde foto’s van personeelsleden. Zoveel mensen kon een stichting draaiende van alleen donaties volgens mij nooit bekostigen. Maar misschien was ik te snel afgehaakt? Ik sprak het hardop uit, waarop X herhaalde dat de overheid de psychische mens in de steek liet en zij het toch zonder steun en overheidssubsidie moesten doen. Hij voegde eraan toe dat ik toch ook zou willen dat dit anders was. Wilde ik echt niet overgaan op liefst een maandelijkse donatie?
“Dus X, jij weet zeker dat ik geen stroom met overheidsgeld vind als ik ga zoeken?”
“Ja. Maar als je eerst wil zoeken, dan bel ik jou morgen weer,” zegt X.
“X, als ik Mind de eerste keren heb kunnen vinden, zal me dit in de toekomst ook lukken, gelieve mij niet meer te bellen.”
Kort daarna krijg ik in mijn mailbox een mail met mijn voornaam in de aanhef.
Voor die persoonlijke benadering heeft deze topper van ‘Wij zijn Mind’ toch maar eventjes gezorgd… en ik weet even niet of ik dat zo positief vind.
Bij deze wil ik een groot pleidooi doen voor het terugbrengen van de normale bejegening van ook de psychiatrische patiënt, graag net doen alsof je weet dat we ‘gekte kennen, maar het niet zijn.’ Vanuit die basis graag omgaan met je medemens.
Toch is dit kennelijk voor meneer X de benadering die het meeste donateurs oplevert.
In grootsheid wil ik sarcastisch roepen: “Zie hier: de nieuwe GGZ.”
Wil ik op de barricade roeptoeteren over: “Surrogaatemancipatie!”
In het klein wil ik vooral zeggen: “Ik ken gekte en heb me ermee bevriend.”
En: “Ik vermoed dat het meest verwarrende voor mensen is: dat ik juist niet gek blijk te zijn.”
In het klein doe ik weken later een poging om nog eens te zien hoe de 'follow the money' ontoegankelijk is ingekleed op 'Wij zijn Mind'.
Het financiële jaarverslag is op aanvraag, kennelijk mag dit zo. In het visiestuk sla ik vooral aan op het woordje ‘extra’ bij het werven van donateursgelden. Men wil zoveel miljoen extra werven, bovenop de hoeveel al binnengekomen donateursgelden…. .mmmm…
Ik begrijp inmiddels wel welke stromen ‘Wij zijn mind’ dragen. Uiteraard is het ministerie van VWS daar ook een behoorlijke van.
Met een paar goede prompts in Gemini weet ik namelijk binnen een paar minuten beter waar we het vanuit overheidswege over hebben.
De financiële constructie zit niet zo heel ingewikkeld of raar in elkaar. Laten we eerlijk zijn, dit is een prima industrie.
Gezien al de prachtige tellertjes op hun site (ik krijg altijd wat vrees omdat ze het gevoel van statistieken moeten simuleren) helpt Mind zeer succesvol vele mensen. Zou je ook succesmetertjes kunnen maken, schiet door mij heen? In mijn hoofd kan dat prima.
Je zou dan al die prachtige tellertjes moeten omslaan naar de binnengekomen gelden: wat kost een zo’n succesverhaal nou per geval?
Zou dit tot een betere objectivering leiden?
Daarmee is de inhoud of de kwaliteit van het losse cijfertje in dat ene radartje immers nog niet beoordeeld?
Instant vloeit mijn wil tot objectivering weg.
Zo komt het dat ik doe wat ik altijd doe, als ik wegvloei in weemoedigheid.
Ik sluit aan bij de objectivering die er wel is. Dus: Eén ding weet ik 100% zeker.
De overheid, beste meneer X (wellicht de enige onwetende vrijwillig werkende telemarketeer van deze stichting die goede intenties heeft om stigma’s van de psychiatrische mens tegen te gaan), de overheid laat 'Wij zijn Mind' niet in de steek.
Niets uit deze opinie mag zonder uitdrukkelijke toestemming van Deborah Ham worden overgenomen, gekopieerd of gebruikt worden. Uiteraard mag volgens de gangbare regels van bronvermelding er wel naar verwezen worden in andere publicaties. Neem bij twijfel eerst contact op.
In oktober werd ik namelijk ‘s avonds gebeld door meneer X van stichting ‘Wij zijn Mind.’
Mede door mijn gevoeligheid, luister ik graag. Zo ook nu.
Een eerdere donatie was de aanleiding van het telefoontje. Ik werd nieuwsgierig, wat zou het ‘haal een donateur binnen-protocol’ zijn?
X stak van wal.
Hij begon met de stelling, dat de overheid de psychisch kwetsbare mens in de steek laat.
Ik zei niets. Waarop hij zijn stellinginname bekrachtigde met de woorden, dat dit mij vast niet ontgaan was.
Ik reageerde met het vol verbazing noemen van de tientallen duizenden euro’s die een lotgenotenvereniging aan ‘tijdelijke’ subsidie had binnengekregen. Ja, hoe dat zat wist X niet. Mind moest het van haar donateurs hebben en was overheidsonafhankelijk.
Jongeren zijn belangrijk, zo vervolgde hij. Had ik een kind in die leeftijd?
Ik antwoordde bevestigend, met een simpel ‘ja’.
X legde uit dat de stichting met een preventieprogramma ingang wil op scholen.
Hij vroeg me of ik dit misschien wilde regelen op de school van ons kind.
Weer benadrukte X dat de ‘Wij zijn Mind’ het helemaal zelf moet doen.
Hierop gaf ik aan, dat ik mij niet kon voorstellen dat 'Wij zijn Mind' alleen van donaties rondkwam. Ik had mij er eerder verdiept. Hierbij was ik zwaar onder de indruk gekomen van de in loondienst zijnde foto’s van personeelsleden. Zoveel mensen kon een stichting draaiende van alleen donaties volgens mij nooit bekostigen. Maar misschien was ik te snel afgehaakt? Ik sprak het hardop uit, waarop X herhaalde dat de overheid de psychische mens in de steek liet en zij het toch zonder steun en overheidssubsidie moesten doen. Hij voegde eraan toe dat ik toch ook zou willen dat dit anders was. Wilde ik echt niet overgaan op liefst een maandelijkse donatie?
“Dus X, jij weet zeker dat ik geen stroom met overheidsgeld vind als ik ga zoeken?”
“Ja. Maar als je eerst wil zoeken, dan bel ik jou morgen weer,” zegt X.
“X, als ik Mind de eerste keren heb kunnen vinden, zal me dit in de toekomst ook lukken, gelieve mij niet meer te bellen.”
Kort daarna krijg ik in mijn mailbox een mail met mijn voornaam in de aanhef.
Voor die persoonlijke benadering heeft deze topper van ‘Wij zijn Mind’ toch maar eventjes gezorgd… en ik weet even niet of ik dat zo positief vind.
Bij deze wil ik een groot pleidooi doen voor het terugbrengen van de normale bejegening van ook de psychiatrische patiënt, graag net doen alsof je weet dat we ‘gekte kennen, maar het niet zijn.’ Vanuit die basis graag omgaan met je medemens.
Toch is dit kennelijk voor meneer X de benadering die het meeste donateurs oplevert.
In grootsheid wil ik sarcastisch roepen: “Zie hier: de nieuwe GGZ.”
Wil ik op de barricade roeptoeteren over: “Surrogaatemancipatie!”
In het klein wil ik vooral zeggen: “Ik ken gekte en heb me ermee bevriend.”
En: “Ik vermoed dat het meest verwarrende voor mensen is: dat ik juist niet gek blijk te zijn.”
In het klein doe ik weken later een poging om nog eens te zien hoe de 'follow the money' ontoegankelijk is ingekleed op 'Wij zijn Mind'.
Het financiële jaarverslag is op aanvraag, kennelijk mag dit zo. In het visiestuk sla ik vooral aan op het woordje ‘extra’ bij het werven van donateursgelden. Men wil zoveel miljoen extra werven, bovenop de hoeveel al binnengekomen donateursgelden…. .mmmm…
Ik begrijp inmiddels wel welke stromen ‘Wij zijn mind’ dragen. Uiteraard is het ministerie van VWS daar ook een behoorlijke van.
Met een paar goede prompts in Gemini weet ik namelijk binnen een paar minuten beter waar we het vanuit overheidswege over hebben.
De financiële constructie zit niet zo heel ingewikkeld of raar in elkaar. Laten we eerlijk zijn, dit is een prima industrie.
Gezien al de prachtige tellertjes op hun site (ik krijg altijd wat vrees omdat ze het gevoel van statistieken moeten simuleren) helpt Mind zeer succesvol vele mensen. Zou je ook succesmetertjes kunnen maken, schiet door mij heen? In mijn hoofd kan dat prima.
Je zou dan al die prachtige tellertjes moeten omslaan naar de binnengekomen gelden: wat kost een zo’n succesverhaal nou per geval?
Zou dit tot een betere objectivering leiden?
Daarmee is de inhoud of de kwaliteit van het losse cijfertje in dat ene radartje immers nog niet beoordeeld?
Instant vloeit mijn wil tot objectivering weg.
Zo komt het dat ik doe wat ik altijd doe, als ik wegvloei in weemoedigheid.
Ik sluit aan bij de objectivering die er wel is. Dus: Eén ding weet ik 100% zeker.
De overheid, beste meneer X (wellicht de enige onwetende vrijwillig werkende telemarketeer van deze stichting die goede intenties heeft om stigma’s van de psychiatrische mens tegen te gaan), de overheid laat 'Wij zijn Mind' niet in de steek.
Niets uit deze opinie mag zonder uitdrukkelijke toestemming van Deborah Ham worden overgenomen, gekopieerd of gebruikt worden. Uiteraard mag volgens de gangbare regels van bronvermelding er wel naar verwezen worden in andere publicaties. Neem bij twijfel eerst contact op.